AUS 3: Aftersun op het dashboard

Locatie: Broome
Reis: Perth-Cervantes-Cue-Geraldton-Kalbarri-Monkey Mia- Coral Bay-Exmouth- Tom Price- Port Hedland- Broome
Weer: Eerst: Heet, wolkenloos 35 graden. Later: 30 graden, met hevige regen in de late middag
Muziek: Scissors sisters- I don't feel like dancing

Hoogtepunt: Anzichtblauwe wateren met haaien, schildpadden en koraalvis
Dieptepunt: Een tent vol met mieren



Pinnacles Desert, Cervantes WA

Een rode stofwolk verraadt een 4WD voor ons. De avondzon schijnt op onze gezichten terwijl we hetzelfde tempo aanhouden. De rode dirttrack steekt fel af tegen het groene plateau vol eucalyptusbomen bij Kalbarri. Nog maar net daarvoor waren we gehaast een hike aan het afronden, nu kijken we rustig naar een zon die langzaam wegzakt achter de horizon. Terwijl het immigratiekantoor in Perth mijn papieren verwerkt, zit ik midden in een roadtrip met twee Duitsers.

Dag 1-4 De tijd tikt door. Eureka! 

De tijd tikt door. Uiteindelijk geven de Duitsers toe waarom ze mij eigenlijk mee wilden hebben: ze willen hun Engels verbeteren. Daarom zit ik erbij. Onze bestemming is Darwin.

De onvermijdelijke Pinnacles, vlak bij Cervantes, vormen onze eerste stop. Toen de zeebodem miljoenen jaren geleden wegzakte, bleven deze scherpe kalkstenen pilaren achter in het woestijnlandschap.

Daarna trekken we echt de Outback in. Dit voelt als het Australië uit de films: eindeloze vlaktes rood zand, spinifexgras en af en toe een eenzame windmolen die water omhoog pompt. De wegen lijken geen einde te hebben en verdwijnen soms letterlijk in het niets. De droge hitte wordt alleen onderbroken door de geur van een dode skippy langs de weg.

Na een lange dag rijden bereiken we Cue, een bijna verlaten goudmijnstadje. De brede straten en hotels met Victoriaanse balkons verraden nog iets van de rijkdom van vroeger. Honderd jaar geleden klonk hier overal “Eureka!”. Nu zitten er op vrijdagavond nog zeven mensen in de enige pub die open is. Ooit woonden hier tienduizend mensen. De glorie is verdwenen, maar juist dat heeft charme.


Crikey! Heerenveen wint van Groningen!

De tijd verandert voormalige mijnstadjes met ziekenhuizen, kerken en stations langzaam in stoffige spookdorpen midden in de wildernis. De volgende dag rijden we erdoorheen en dwalen door een groot verlaten hotel waarvan het plafond jaren geleden al naar beneden kwam. Een emu steekt de weg over. Verder is er alleen stilte. Onderweg zien we een meteorietkrater en mysterieuze Aboriginal rotstekeningen.

Na opnieuw een indrukwekkende zonsondergang en een sterrenhemel zoals je die alleen in de Outback ziet, bereiken we de beschaving van Geraldton aan de Batavia Coast. Verder noordelijk, in Kalbarri, vinden we diepe kloven, spectaculaire uitzichten en lopen we zomaar over prehistorische fossielen. Alsof de tijd daar stil is blijven staan.


Dag 5-9 Dit bestaat niet!

Ik snap nog steeds niet waarom Western Australia zo weinig toeristen trekt. Zijn de afstanden simpelweg te groot?

De eerste echte touristtrap die we tegenkomen is het dolfijnen voeren in Monkey Mia, midden in het werelderfgoedgebied Shark Bay. Samen met bijna honderd anderen wachten we ’s ochtends vroeg op wilde dolfijnen die gegarandeerd naar het strand komen. En ja hoor: een groep van ongeveer dertig dieren verschijnt. Vrijwilligers kiezen een paar mensen uit de menigte die een visje mogen geven. Terwijl een Japans meisje overdreven enthousiast naar de ranger zwaait alsof ze in Sesamstraat zit, word ik uitgekozen. Waarschijnlijk kijken de dolfijnen net zo nieuwsgierig naar ons als wij naar hen.

Na Monkey Mia zitten we weer uren in de auto. Duitse schlager schalt uit de speakers: Dieter Thomas Kuhn en andere twijfelachtige artiesten. Mijn Nederlandse bijdrage is Jan Smit. De afstanden zijn hier nu eenmaal enorm.

In Coral Bay voelen de eerste echte vakantiedagen aan. De naam zegt genoeg. Lachend lopen we het strand op: dit kan toch niet bestaan? Zo mooi, en tegelijk zo weinig toeristisch. Het Ningaloo Reef ligt letterlijk op zwemafstand. Vijftig meter zwemmen en je zit tussen het rif.

Alleen die Australische zon is meedogenloos. ’s Avonds sta ik met kleren aan onder de douche om af te koelen. Hoe kan ik zo verbrand zijn terwijl ik me constant insmeer? De dagen erna ligt de aftersun standaard op het dashboard.



Shell Beach, Shark Bay WA
Dag 10- nu

Tijd om iets meer over de Duitsers te vertellen. Het zijn twee jongens van melkveebedrijven rond de Bodensee. Langzaam beginnen ze steeds beter Engels te spreken. En pindakaas te eten, want dat kenden ze nog niet.

We trekken van camping naar camping. Ik zet ’s avonds de tent op, zij koken. Baked beans, spaghetti, Irish stew, groentesoep met brood. Alles uit blik.

Ik stuur onze Ford Econovan, inmiddels omgedoopt tot “Mustang”, langs de hoogtepunten van Western Australia. In Coral Bay stonden we nog met onze voeten in het water naar rifhaaien op drie meter afstand te kijken. In Exmouth stonden we even later oog in oog met enorme schildpadden.


Karanjini Gorges

Vanaf de hete kust zou het landschap richting het binnenland compleet veranderen, had ik voorspeld. Inmiddels waren we de Steenbokskeerkring gepasseerd en officieel de tropen binnen gereden. Om Karijini National Park te bereiken moesten we via het mijnstadje Tom Price. Mijn broertje bewaart daar minder goede herinneringen aan, maar wij gelukkig wel. Zonder autopech reden we over unsealed roads het park binnen, ondanks de stevige regenbuien van de afgelopen dagen.

De foto zegt genoeg over hoe indrukwekkend het landschap daar is.

Via Port Hedland zijn we uiteindelijk aangekomen in Broome. Het voelt hier tropisch aan en Darwin ligt nog altijd ver voor ons.

Tot over twee weken!

Reacties